#NOVI Nationale Omgevingsvisie

Met de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI vormt een nieuw beginpunt voor het nationale beleid voor de leefomgeving.
En gaat in op klimaatverandering en energietransitie, verstedelijking, landbouw en het landelijk gebied.

De NOVI heeft vier prioriteiten :

  • Duurzaam economisch groeipotentieel voor Nederland
  • Ruimte voor de klimaatverandering en energietransitie
  • Sterke, leefbare en klimaatbestendige steden en regio’s met voldoende ruimte om te wonen, werken en bewegen
  • Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied


De nieuwe Omgevingswet (2021) verplicht Gemeenten, provincies en het Rijk een omgevingsvisie op te stellen. Als richting voor keuzes, inspiratie en kader voor de integrale aanpak van ruimtelijke opgaven.

De Omgevingswet is één wet die alle wetten voor de leefomgeving bundelt en moderniseert.

De Omgevingswet voorziet niet in juridische doorwerking van de NOVI naar omgevingsvisies van andere overheden. Andere overheden, burgers en bedrijven, zijn dan ook niet juridisch aan de NOVI gebonden, maar wel aan regels en normen die op basis van de NOVI worden opgesteld.

De NOVI moet klaar zijn voordat de Omgevingswet ingaat (2021).


BENG-eisen Bijna Energie Neutraal Gebouw 2020


Vanaf 1 januari 2020 gelden er nieuwe energieprestatie-eisen voor nieuwbouw. We nemen afscheid van de EPC en in plaats daarvan komen er BENG-eisen.
Hoe die er precies uit gaan zien, is vooralsnog onduidelijk. De Tweede Kamer besluit in de loop van 2019 over de definitieve eisen

De BENG-eisen toetsen hoe energiezuinig een gebouw is. Ze bestaan uit drie onderdelen:
BENG 1 heeft betrekking op het totale energiegebruik voor het verwarmen en koelen in kWh per m2 gebruiksoppervlakte per jaar. Voorgesteld is maximaal 25 kWh per m2 aan primaire energie.
BENG 2 gaat over de hoeveelheid fossiele brandstof in kWh per m2 gebruiksoppervlakte per jaar die nodig is voor verwarming, koeling, warmwaterinstallaties en opwekking.
BENG 3 zegt dat het percentage zelf opgewekte hernieuwbare energie, minimaal 50% moet bedragen.

Showing of(f) Eindhoven

De eerste drukproef van ‘Showing of(f) Eindhoven’, Een onderzoek naar de bepalende ruimtelijke strategieën, plannen en projecten van Eindhoven

Medio 2019 verschijnt ‘Showing  of(f) Eindhoven’, een onderzoek naar de bepalende ruimtelijke strategieën, plannen en projecten van Brainport Eindhoven

Dit delen:

Energielabel C Kantoren *

Vanaf 2023 is ieder kantoor groter dan 100m2 verplicht om minimaal energielabel C te hebben. Voldoet het pand dan niet aan de eisen, dan mag u het pand per 1 januari 2023 niet meer als kantoor gebruiken. Deze verplichting staat in het Bouwbesluit. In 2030 wordt de eis verhoogd naar label A en uiteindelijk is het vanuit het EnergieAkkoord de bedoeling om in 2050 een volledig energieneutrale gebouwde omgeving te hebben. Op dit moment heeft meer dan de helft van de Nederlandse utiliteitsgebouwen label D t/m G. Een geplande verbouwing van uw bedrijfsaccommodatie is bij uitstek de gelegenheid om uw pand (met weinig ingrepen) te laten voldoen aan energielabel C of direct aan energielabel A of B? Het kan ook een rol vervullen in de onderhoudsplanning, een natuurlijke vervangmoment van gebouw- en installatieonderdelen. Het is daarnaast zinvol om te kijken naar de huidige subsidiemogelijkheden, zoals de energie-investeringsaftrek, aangezien die er wellicht in de toekomst niet meer zijn.

De Omgevingswet *2021

De invoering van de Omgevingswet zal in 2021 plaatsvinden. Dit biedt nu al volop kansen. De overheid opereert minder uitvoerend en meer kaderstellend. Wij werken al in de geest van de wet. Steeds vaker zorgt samenregie – waarbij initiatiefnemers en stakeholders zelf het heft in handen nemen – voor een vlottere realisatie van ruimtelijke initiatieven en ontwikkelprojecten.

http://www.eugenefranken.nl/regelgeving-vergunningen/

Drijvende zonnepanelen

Ook Rotterdam krijgt futuristische drijvende zonnepanelen

Drijvende zonnepanelen leveren een hoger rendement dan zonneparken op land door het koelende effect van het water. Ze wekken de stroom op daar waar de vraag is en hebben geen last van de schaarste aan beschikbare (landbouw)gronden. En zijn vaak goed landschappelijk inpasbaar.

Door de koeling van het water en de reflectie van het zonlicht leveren drijvende zonne-energiesystemen circa 14 procent meer energie op. Bovendien houdt het verdamping van de waterbron tegen.


Voorbeelden van drijvende zonne-energiesystemen in Nederland :

Drijvend zonnepark op de zandwinplas in Tynaarlo (Drenthe)
Groenleven in samenwerking met Roelofs Zandwinning

De basis van het drijvende zonnepark wordt gevormd door pontons die met elkaar in verbinding staan en op die manier een groot drijvend zonnepark vormen. Er ontstaat op die manier een golfbestendig vaartuig dat verplaatst kan worden.

Drijvende zonnepanelen op de Slufter, de bedrijven Texel4Trading, Wattco, Sunprojects en Sunfloat hebben drijvende zonnepanelen geïnstalleerd in de Slufter, het depot voor verontreinigde baggerspecie op de Maasvlakte.

Deze proef op de Slufter met drijvende zonne-systemen van het Nationaal Consortium Zon op Water, waarin meer dan 30 partijen vertegenwoordigd zijn, moet aantonen dat drijvende zonnepanelen technisch en economisch haalbaar zijn op wateren met ruige condities.
Bij een succesvolle test kunnen mogelijk 500.000 panelen geplaatst worden met een totaal vermogen van meer dan 100 MWp.

De Slufter is een van de meest zonrijke plekken in Nederland. Het is een ideale plaats voor de opwekking van zonne-energie

Coöperatie Lingewaard Energie realiseert een drijvend zonnepark op het gietwaterbassin in het tuinbouwgebied Next Garden. Het bestaat uit 6.000 zonnepanelen. In het tuinbouwgebied Bergerden biedt het 3,5 hectare groot gietwaterbassin, dat de centrale voorziening van gietwater voor alle tuinders in het gebied verzorgt genoeg ruimte voor drijvende zonnepanelen.

Drijvend zonnepark Lingewaard

Zuidas

Building a better tomorrow together

@X Met deze naam heeft ir. Eugène Franken de ideeën-wedstrijd gewonnen een internationale naam te bedenken voor het zakendistrict de Zuidas in Amsterdam.

@X heeft alles in zich: krachtig en kernachtig, innovatief en internationaal:
AT X, Amsterdam AX.

De A van Amsterdam en de X van crossroad, place to be.

Maquette van de Zuidas met de nieuwe naam

Iedere hoofdstad heeft zijn locaties waar zaken gedaan worden, de plaats waar belangen ten gelde gemaakt worden en veel buitenlanders te vinden zijn. In Amsterdam is deze plek voor een deel van de grachtengordel naar de Zuidas verschoven, nog een “gebied in wording”. Business districten dragen vaak een naam met een geografische aanduiding, zo ook in Amsterdam. Maar van een ruimtelijke as is hier geen sprake anders dan de A10 waar men zich keurig – als er geen files zijn – met 100 km per uur beweegt. Ook van een wederopstanding is hier geen sprake en bijvoorbeeld vertaald naar het Engels klinkt deze naam ( South Axis) niet uitnodigend. Nu deze zakenwijk zich definitief ontvouwt als episch centrum van onze business kan een goede naam niet achterwege uitblijven. Waar een naam de lading dekt ontstaat betere architectuur.

Plan Zuid Berlage met de stedenbouwkundige As naar het Zuidstation